Masterclass Aanbestedingsrecht: 3 cruciale inzichten voor de praktijk
Gepubliceerd op 30 april 2026Seminar Van Benthem & Keulen, Utrecht
Op dinsdag 14 april namen onze adviseurs deel aan de Masterclass Aanbestedingsrecht in Utrecht, georganiseerd door de advocaten van Van Benthem & Keulen. Het was een dynamische middag waar juristen, inkopers en inschrijvers samenkwamen om de laatste ontwikkelingen in het aanbestedingsrecht te bespreken.
Omdat de jurisprudentie en Europese regelgeving rondom inkopen voortdurend veranderen, is het essentieel om up-to-date te blijven. De masterclass bood een scherp overzicht van actuele vraagstukken. Wij hebben de drie belangrijkste inzichten op een rij gezet.
1. Nieuwe EU-richtlijnen: Meer flexibiliteit, maar ook meer subjectiviteit
De Europese Commissie herziet momenteel de aanbestedingsrichtlijnen. De focus ligt hierbij op:
- Duurzaamheid en strategisch inkopen.
- Vermindering van administratieve lasten.
- Eenvoudiger regels voor inschrijvers.
De keerzijde: Hoewel kleine administratieve fouten minder snel tot directe uitsluiting leiden, groeit de beoordelingsvrijheid van aanbestedende diensten. Dit brengt een risico op grotere subjectiviteit met zich mee; beslissingen kunnen vaker gebaseerd worden op interpretatie in plaats van op een strikt objectief kader.
2. Herstelmogelijkheid bij ontbrekende documenten (UEA)
Recente rechtspraak laat zien dat uitsluiting niet altijd onvermijdelijk is bij een vergeten document. Als een inkoper de benodigde informatie kan herleiden uit de rest van het dossier, mag de inschrijver soms alsnog worden toegelaten.
Tijdens de masterclass in Utrecht werd een casus besproken waarbij het Uniform Europees Aanbestedingsdocument (UEA) van een onderaannemer ontbrak. Omdat de informatie elders in de stukken te vinden was, mocht de inschrijver herstellen.
Let op: Dit is een discretionaire bevoegdheid. Een inkoper mag herstel toestaan, maar is hiertoe niet verplicht.
3. Slechts één inschrijver? De aanbestedende dienst mag de gunning staken
Een opvallend inzicht uit de recente jurisprudentie: als er slechts één inschrijving binnenkomt, heeft de inkoper per definitie een objectieve en gegronde reden om niet te gunnen. De rechter stelt dat het gebrek aan concurrentiewerking op zichzelf voldoende grond is om de procedure stop te zetten.
Dit geldt zelfs wanneer het gebrek aan concurrentie mede door toedoen van de aanbestedende dienst is ontstaan. Voor de ‘enige’ inschrijver is dit wrang, maar juridisch staat de inkoper hiermee sterk.
Een waardevolle middag voor juristen en inkopers
De combinatie van advocaten, inkopers en inschrijvers in één zaal zorgde voor scherpe discussies en frisse perspectieven op het aanbestedingsrecht. Met deze nieuwe inzichten op zak kunnen wij onze klanten nog beter adviseren bij complexe inkooptrajecten.
Wilt u meer weten over de impact van de nieuwe EU-regelgeving op uw aanbestedingen? Neem contact met ons op.
Geschreven door Koen Mollink — Aanbestedingsprofessional